Het zal u niet ontgaan zijn. U staat midden in de maatschappij en weet wat er speelt. Zo niet, dan ga ik het u vertellen. We zitten in quarantaine. Zo zie je maar, de wereld is een dorp geworden.

Eens in de zoveel weken klimt onze gastcolumnist en millennial Jorrit van den Born in de pen om zijn ervaringen uit het kantoorleven met jullie te delen. Hierbij neemt hij geen blad voor de mond en worden collega’s meestal niet gespaard. Zijn verwonderingen zijn doordrenkt van het cynisme, maar misschien voor velen herkenbaar? In deze editie beschrijft hij het ‘Quarantaineleven’.

Quarantaineleven, kantoor is where the heart is

Het zal u niet ontgaan zijn. U staat midden in de maatschappij en weet wat er speelt. Zo niet, dan ga ik het u vertellen. We zitten in quarantaine. Zo zie je maar, de wereld is een dorp geworden. Een jongen, wat experimenteel van aard, likt op een markt aan een vleermuis. Een half jaar later zit zelfs deze columnist thuis te werken, heeft hij droge handen van het handen wassen en heeft hij zijn vrienden al enige tijd niet meer gezien. Het kantoorleven staat volledig op zijn kop. Sterker nog er is helemaal geen kantoorleven meer. Het is nu meer woonkamerleven. Het zijn verwarrende tijden. Ik zit inmiddels halve dagen voor een webcam. Veel lezers van deze column vragen hier al enige tijd om. Toch is dit anders. Het heeft niks met deze lezersverzoeken te maken. Toch wil ik u via deze weg danken voor alle reacties per chat en brief. Blijf vooral reageren. Praat lekker mee, laat uw licht schijnen en maak van uw hart vooral geen moordkuil. Tot zover, terug naar de column. Dat mag nog. In geen enkele persconferentie zijn columnisten benoemd. Kennelijk geen vitaal beroep. Ik kan u van alles vertellen in deze tijd. Het best lijkt het mij om gewoon mijn dag te beschrijven. Wellicht kunt u hier troost uit putten. Of houvast. Wellicht herkenning. Wat alle tv- en radiozenders ons deze dagen duidelijk maken: we zijn samen één deze dagen. Het Nederlands elftal had zich geplaatst voor het EK dus deze saamhorigheid stond toch al op de planning. Nu valt het gewoon wat vroeger dan normaal.

Mijn werkdag begint met het grootste voordeel van quarantaine. Geen reistijd en zeker geen files. Ik sta enigszins bijtijds op. Tussen half 8 en 8 wil ik wel uit bed zijn (’s ochtends uiteraard). Ik pak een bak yoghurt. Meestal met iets erin. Ik vind granola met honing erg lekker. Ook overnight oats is een aanrader. Ik klap mijn laptop open en kan gelijk beginnen. Dat is toch lekker. ’s Ochtends kan ik flink doorpakken maar op een zeker moment heb je toch even een break nodig. Je onderbewustzijn verlangt toch naar het gesprek bij de koffieautomaat. Dat is het moment waarop ik douche. Fris én efficiënt. Met kleren aan oogt het vervolgens een stuk beter bij een eventuele videomeeting. Die meetings zijn heerlijk. Het blijkt lang niet zo makkelijk te zijn om gewoon zichtbaar voor een camera te gaan zitten. Millennials zitten graag met de lichtval van achter (je gezicht is te donker!). Babyboomers zetten het beeldscherm van hun laptop te ver naar achter (ik zie alleen je voorhoofd!). Ook is het top om lekker door elkaar heen te praten, voortkomend uit een vertraging. Dan voel ik me net Tom Egbers voor een stadion in Brazilië, die de vraag uit de studio pas te laat hoort.

Rond het middaguur verwen ik mezelf flink met wat boterhammen waarna ik om de dag te breken even naar de supermarkt wandel. Het is gelukkig lekker weer. Ik voel me zeker geen jonge hippe twintiger meer, zodra ik intens geniet van dit enige dagelijkse uitje. Ik begin te begrijpen wat mijn oudere collega’s altijd zo lekker vinden aan wandelen. Ik loop door straten waar ik normaal nooit kom om maar ‘even wat anders te zien’. Aangekomen bij de supermarkt is de chaos compleet. Er wordt me een karretje in de hand geduwd. Dat ik slechts kom voor een bakje kip-kerrie salade en een rode ui doet hier niets aan af. De vakken zijn gelukkig weer gevuld. Quizvraag over 30 jaar: wat is het verband tussen macaroni, wc-papier en kwark? Waarom hamsteren mensen eigenlijk kwark? Zo lang is het toch ook weer niet houdbaar? In de supermarkt zie ik zowel mensen met mondkapjes als mensen die ‘al die maatregelen voor een griepje maar overdreven vinden’. Gek genoeg zijn het juist ouderen, de groep die we angstvallig proberen te beschermen, die alle normen aan hun laars lappen. Ik ben niet bang aangelegd maar als ik in de rij bij de kassa sta vind ik het niet fijn als Joop van 71 in mijn nek staat te hijgen. Nu even niet Joop, wellicht kan dat over een paar maanden weer.

De rest van de middag werk ik nog lekker door, luister ik wat podcasts en heb ik af en toe een videochat met een whatsappgroep. Dat kan me echt de dag door slepen. Zo moet het voelen als je familie in Australië hebt. Soms sta ik zwijgend voor het raam of pink ik een traantje weg tijdens het koffie zetten. Je gaat je collega’s toch missen. De jongeren die de muziek op de afdeling aanzetten, de ouderen die dat bekritiseren. De dertiger met een grove grap, de zestiger met een ongepaste grap. De charme van het kantoorleven is er even niet. De grote leegte komt pas echt als ik mijn laptop dicht doe. Werkdag voorbij. Ik zit nog in dezelfde ruimte. Met dezelfde spullen, drinken en uitzicht. Netflix ken ik nu wel. Andere dingen kan ik me nauwelijks toe zetten. Ik wacht tot ik naar bed mag, zodat ik daarna ten minste kan werken. Ik houd me vast aan de gedachte dat ik dit voor mijn kinderen en kleinkinderen zwaar ga misbruiken. “Je verveelt je niet! In de quarantaine, toen verveelden we ons!” Er zou eigenlijk een tweede Bevrijdingsdag moeten komen.

Nee hoor mensen, allemaal satire. Deze tijd is juist extreem nuttig. Als je wil kan je extreem efficiënt werken, klusjes in huis opknappen die je al lang uitstelt en de mensheid komt onder druk tot allerlei leuke en creatieve initiatieven. En verveel je je toch? Lees deze column gewoon nog een keer. Er is nog nooit iemand besmet geraakt terwijl hij deze column thuis op de bank zat te lezen. Dat kan toch geen toeval zijn zou je zeggen. En oh ja, vanavond om 8 uur applaudisseren we in Nederland massaal voor columnisten. Ik hoor u dan.